C.L.B. (Centrum voor LeerlingenBegeleiding)

Medewerkers CLB

Maatschappelijk werker

Hadewych Poppe

Verpleegkundige

Martine Deconinck

Psycholoog

Kristin Raes en/of Sieska Tanghe

Schoolarts

Jet Buyse

Algemeen :

Het schoolbestuur heeft een beleidscontract afgesloten met het interstedelijk C.L.B. van Gent, Jubileumlaan 215A te 9000 Gent (tel. 09/235.09.00 of 09/235.09.32 of clb@gent.be).
Mevrouw Vera Van Heule is de directeur van het CLB en  de heer Belkacem Aggoune is de medisch coördinator.
Mevrouw Hadewych Poppe, maatschappelijk werkster,  is de contactpersoon met onze school. 
 
Het C.L.B. ondersteunt de leerlingen, hun ouders, de leerkrachten en de directie bij het verhogen van het welbevinden van de leerlingen.
Vragen van en problemen bij de leerlingen vormen het uitgangspunt van de interventies.  Het C.L.B. onderzoekt, verstrekt informatie en advies, begeleidt.
De multidisciplinaire teamgerichte begeleiding situeert zich op volgende domeinen :

  • het leren en studeren
  • de onderwijsloopbaan
  • de preventieve gezondheidszorg
  • het psychisch en sociaal functioneren

Ouders die bij hun kinderen een probleem ervaren of vragen hebben, kunnen steeds na afspraak terecht bij het C.L.B. 
Alle tussenkomsten gebeuren kosteloos.

De psychosociale begeleiding :

Begeleiding door het CLB gebeurt met instemming van de ouders en kan niet verdergezet worden zonder deze toestemming.
Deze instemming van de ouders is niet vereist als de begeleiding betrekking heeft op leerplichtproblemen van een leerplichtige jongere in het kader van de wettelijke opdracht van de overheid inzake leerplichtcontrole.
De CLB-contactpersoon is geregeld op school te bereiken op dinsdag of na afspraak.

Men kan steeds contact opnemen via het CLB :

  • Contactpersoon voor onze school : Mevrouw Hadewych Poppe  (paramedisch werker/sociaal assistent) : 09/235.09.22  of hadewych.poppe@gent.be
  • Mevrouw Kristin Raes en/of mevrouw Sieska Tanghe (psycho-pedagogisch consulenten treden op volgens noodzaak en enkel via de contactpersoon)

De medische begeleiding :                                

De medische begeleiding bestaat uit algemene, gerichte consulten en profylactische maatregelen.
Het medisch onderzoek gebeurt door Dr. Jet Buyse, bijgestaan door mevrouw Martine Deconinck, paramedisch werker (verpleegster).
De verpleegkundige is geregeld op school te bereiken op dinsdag of na afspraak (bureau in het kleutergebouw in de hoofdschool).

Men kan steeds telefonisch en/of elektronisch contact opnemen via het CLB :
 

  • Mevrouw Martine Deconinck (paramedisch werker) : 09/266.19.99 of martine.deconinck@gent.be
  • Mevrouw Jet Buyse (schoolarts) : 09/266.19.99 of jet.buyse@gent.be

Ouders kunnen m.b.t. de algemene en gerichte consulten verzet aantekenen tegen de keuze van de CLB-arts. In dit geval melden zij dit per aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs aan de directeur van het CLB. Binnen de 90 dagen moeten zij een ander arts van hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een arts die over hetzelfde bekwaamheidsattest beschikt als de CLB-arts kiezen.

Opmerking  : Heel regelmatig dienen kinderen tijdens de schooluren bepaalde medicijnen in te nemen. Indien u wenst dat de leerkracht de medicatie begeleidt en controleert, zijn duidelijke en schriftelijke afspraken noodzakelijk ! Zie verder bij hoofdstuk 21.

Algemene consulten :

De leerlingen van het 2de jaar kleuteronderwijs en het 5de jaar lager onderwijs ondergaan een algemeen consult.
Een algemeen consult is een moment waarop de algemene gezondheidstoestand, vaccinatietoestand, groei en ontwikkeling en sensoriële toestand worden nagekeken en adviezen geformuleerd naar de leerling en zijn ouders.
De algemene consulten gebeuren in het CLB te Gent, busvervoer hiervoor wordt gratis ter beschikking gesteld.

Gerichte consulten :

Bij kleuters van de 1ste kleuterklas (op voorwaarde dat de te onderzoeken kleuters voor 1 januari van het betrokken schooljaar 3  jaar geworden zijn) en leerlingen van het 1ste en 3de jaar lager onderwijs   worden gerichte consulten georganiseerd. Dit zijn onderzoeken waarin vooral groei, ontwikkeling, vaccinaties en opvolging van de gezondheid worden nagekeken. De onderzoeken worden bij voorkeur in de school uitgevoerd, in een infrastructuur die voldoende kwaliteit biedt, zoniet zorgt het CLB zelf voor een locatie.

Profylactische maatregelen :

Het CLB houdt toezicht op de vaccinatietoestand van de leerlingen en biedt vaccinaties aan die in het vaccinatieschema zijn opgenomen. Ouders en leerlingen worden hierover geïnformeerd en geven hiervoor hun toestemming.
De ouders hebben de plicht om onmiddellijk de directeur en het CLB te verwittigen bij de volgende ziekten :

1° anthrax;(darmmiltvuur)
2° botulisme;(spierverlamming)
3° brucellose;
4° salmonella typhi of salmonella paratyphi-infectie;
5° cholera;
6° chikungunya;(tropische ziekte)
7° dengue;(tropische ziekte)
8° difterie;(kroep)
9° enterohemorragische e. coli-infectie;(buikziekte)
10° gastro-enteritis, bij epidemische verheffing in een collectiviteit;
11° gele koorts;(tropische ziekte)
12° gonorroe;
13° haemophilus influenzae type B invasieve infecties;(hersenvliesonsteking)
14° hepatitis A;
15° hepatitis B (acuut);
16° humane infectie met aviaire (of een nieuw subtype) influenza;
17° legionellose;(bacteriële longaandoening)
18° malaria waarbij vermoed wordt dat de besmetting heeft plaatsgevonden op het Belgisch grondgebied, inclusief (lucht)havens;
19° mazelen;
20° meningokokken invasieve infecties;
21° pertussis;(kinkhoest)
22° pest;
23° pokken;.
24° poliomyelitis;(kinderverlamming)
25° psittacose;(longontsteking)
26° Q-koorts;
27° rabiës;(hondsdolheid)
28° SARS (Severe Acute Respiratory Syndrome);(longonsteking)
29° syfilis;
30° tuberculose;
31° tularemie;(hazenpest)
32° virale hemorragische koorts;
33° vlektyfus (rickettsia prowazekii of rickettsia typhi-infectie);
34° voedselinfecties (vanaf twee gevallen);
35° West Nilevirusinfectie(tropsiche ziekte)

Het CLB treft de nodige profylactische maatregelen, deze zijn bindend voor leerlingen, ouders en personeel.

Luizen, een netelig probeem
Korte historiek :

Het voorkomen van luizen op kinderhoofdjes is een eeuwenoud probleem.
In de westerse landen blijken op elk willekeurig ogenblik tussen de 2 tot 10 % van de kinderen op de basisschool drager van luizen te zijn. De laatste jaren krijgen heel wat gezondheidswerkers, ouders en onderwijskrachten het gevoel dat luizenepidemies niet meer beheersbaar zijn. Men heeft het idee dat inspanningen en behandeling niet meer baten.

Wat je moet weten over luizen en neten  :

  • Volwassen hoofdluizen zijn platte insecten zonder vleugels. Ze zijn 2 tot 4 millimeter lang en kunnen enkel leven op de behaarde, goed verzorgde  hoofdhuid (warmte, voedsel en vocht). Hun kleur varieert van grauwachtig wit tot bruinachtig zwart.
  • De luis is een bloedzuiger die minstens om de 12 uur moet eten. Luizen blijven maximum 24 tot 48 uur leven zonder bloed en verzwakken heel snel.
  • Luizen kunnen niet vliegen of springen. Ze zijn wel vlug en verplaatsen zich gemakkelijk via hoofdcontact, of wanneer mutsen en sjaals worden uitgewisseld.
  • Ze leven liefst in een dichte haardos die goed verzorgd is. Zowel kinderen met korte als lange haren kunnen luizen hebben.
  • Hoofdluizen zijn gastheerspecifiek. Luizen zijn geen ziektedragers voor de mens.
  • Bij dieren komen ook luisachtigen voor die de mens niet kunnen besmetten.
  • Luizen overleven bij gewoon wassen,   kammen met een gewone kam of zwemmen. Indien uw kind besmet is, mag het in geen geval zwemmen.
  • Neten zijn eieren van de luizen en bevatten de larve, waaruit een luis zich zal ontwikkelen. Zij zitten stevig vastgehecht aan de haren d.m.v. een soort kleefstof die door de vrouwelijke luis afgescheiden wordt. Men vindt ze vooral dichtbij de hoofdhuid, op het achterhoofd en achter de oren.
  • Neten met een levende larve erin zijn kleurloos tot glanzend parelmoerigkleurig. Ze hebben een lengte van een halve tot 1 millimeter.
  • Het is moeilijk om neten los te maken met de vingers, dit in tegenstelling tot gewone schilfertjes die gemakkelijk loskomen.
  • Enkel neten die dicht tegen de hoofdhuid zitten (tot 1 cm) bevatten een levensvatbare luis. Na 7 tot 10 dagen kruipt de jonge, kleine luis uit het eitje.
  • De vrouwelijke luis leeft ongeveer 3 weken en legt tijdens haar leven 50 tot 150 eitjes.

 Hoe achter de aanwezigheid van luizen komen ?

  • Uw kind heeft last van jeuk, vooral achter de oren en op het achterhoofd.
  • U merkt de aanwezigheid op van grijsachtige neten (dit zijn de eieren van de luizen)  aan de haarbasis nabij de hoofdhuid.
  • Neten kleven sterk aan het haar, in tegenstelling tot huidschilfertjes die zeer gemakkelijk uit het haar verwijderd kunnen worden. Luizen leggen graag hun verse eitjes dichtbij de haarwortel of dichtbij de warme hoofdhuid.

Strikt op te volgen richtlijnen :

a. Een behandeling met producten die aangekocht werden bij de apotheker :

Voer gedurende een drietal weken een dagelijkse haarcontrole met een goede luizenkam uit. Doe dit bij voorkeur boven een goed verlicht  wit blad papier, zodanig dat de nog aanwezige opgevangen luizen zichtbaar worden.

  • Reinig het bedlinnen, vesten, sjaals, mutsen, borstels  en kammen
  • Controleer alle huisgenoten met inbegrip  van  jezelf op levende luizen en  neten die voorkomen op de eerste vier centimeter van het haar.

Alle neten die verder verwijderd zijn, zijn afkomstig van vroegere luizeninfecties, ze  zijn   leeg en kunnen dus  geen aanleiding geven tot een nieuwe besmetting.

  • Behandel de haren met luizenproducten zoals voorgeschreven. Al deze producten zijn dodelijk voor de luis, maar ook giftig voor je kind.

Lees aandachtig de bijsluiter van het product en volg de gebruiksaanwijzingen   nauwkeurig op. Zorg voor een goede bescherming van de ogen.

b. De nat-kammethode :

  • Je koopt in de winkel een gewone crèmespoeling of conditioner, bij de apotheker haal je een zo fijn mogelijke luizenkam.
  • Zet klaar bij een waskom met lauw water : handdoeken, gewone kam, luizenkam, gewone shampoo, crèmespoeling, keukenrol.
  • Was het haar met een gewone shampoo en spoel uit. Wrijf het haar overvloedig in met de crèmespoeling en spoel niet uit. Kam het haar   met een gewone kam om de knopen te verwijderen.
  • Kam het haar volledig   met de luizenkam vertrekkend van achter in de nek naar voor over gans het hoofd. Daarna van de linker- naar de rechterkant en vervolgens van de rechter- naar de linkerkant, van oor naar oor.
  • Maak de kam schoon aan het papier van de keukenrol en kijk of er luisjes meekomen. Doe dit 15 minuten lang.
  • Spoel het haar goed uit en kam het over de ganse schedeloppervlakte nog eens met de luizenkam, van voor naar achter en van oor naar oor.
  • Herhaal dit om de 3 à 4 dagen, twee tot drie weken lang.

c. Schoolafspraken :

  • Periodieke controles worden op school uitgevoerd.
  • Indien bij dit onderzoek de aanwezigheid van  luizen en/of neten (levend of dood) blijkt,  wordt dit aan de ouders schriftelijk meegedeeld met het verzoek de passende behandeling te starten.
  • In het kader van een  goede opvolging   vragen wij een doktersattest en/of de ingevulde antwoordstrook  met vermelding van de  inmiddels ondernomen acties op de eerstvolgende schooldag te bezorgen.
  • Bij het niet inwilligen van de gestelde verwachtingen of het niet naleven van gemaakte afspraken zal de school – noodgedwongen - passende maatregelen treffen.